Posts tonen met het label California. Alle posts tonen
Posts tonen met het label California. Alle posts tonen

woensdag 11 april 2012

Viva Las Vegas!!

10 april 2012 - Death Valley revisited

Vandaag hebben we Death Valley aangedaan - en we zijn nog niet helemaal klaar.
Vanuit Lone Pine zijn we het park ingereden. Het allereerste deel hadden we gisteren al gedaan.
Daarna hebben we een groot aantal plaatsen bezocht in het park: een wandeling door het Mosaic Canyon vlak voor het plaatsje Stovepipe Wells), de Mesquite Flat Sand Dunes, Salt Creek (met pubis, bizarre visjes), de Harmony Borax Works (nabij Furnace Creek), Zabriskie Point, Dante’s View, Bad Water (laagste punt, 282 feet onder zeeniveau), Devil’s Golf Course, en Artists Drive.





Death Valley is enorm uitgestrekt en de highlights liggen ver uit elkaar. Je rijdt al gauw 40 mijl naar een bepaalde plek toe en moet dat hele eind daarna weer terugrijden om het volgende punt weer na 35 mijl te bereiken. Dat vreet tijd (en benzine trouwens).

Vandaar dat we niet alles wat we gepland hadden hebben kunnen doen. We zijn daarom naar Beatty gereden, in Nevada, net over de grens met California. Daar hebben we een sleazy motelletje gevonden.
's Avonds aten we een hapje in de Sourdough Saloon, tussen de locals. De Nevada zijn zó anders dan de Californiërs, veel meer vrijgevochten en aards,

Morgen gaan we weer eerst Death Valley in om de laatste zaken te bezichtigen en daarna rijden we naar Las Vegas. Zo is de tijd die we eerder wonnen tijdens deze trip toch nog nuttig besteedt.

Het was een lekker warme dag vandaag, we hebben 99 graden Fahrenheit (42 graden Celsius) als hoogste temperatuur gemeten. Hoe lager (in het dal), hoe heter. Zelfs om 19 uur ‘s avonds maten we nog deze temperatuur. Bovendien stond er een stevige bries.

Death Valley is onbeschrijfelijk mooi en bizar - zo verschrikkelijk veel verschillende landschapen, maar allemaal woestijn. Bergen in alle kleuren (letterlijk) van de regenboog, zoutvlaktes, kreken, zandvlaktes, rotsachtige gebieden, gravelvelden en alle mogelijke combinaties van bovenstaande. Naast de pupfish zie je niet veel beesten: een verdwaalde hagedis, wat vogels. Slangen en tarantula’s zouden er ook voorkomen maar hebben we niet gezien.
Verder is Death Valley ook historisch interessant: de borax mijnen (waar Chinezen uit San Francisco werkten), maar ook exploitatie van andere mineralen en zouten. Verder is er menig pioneer doorheen getrokken. Er wonen in de kleine plaatsjes wel wat mensen, vooral in houten huizen en caravans. Beetje apart sfeertje, maar dat brengt het woestijnleven wellicht met zich mee.
Morgen dus nog terug naar de dodenvallei, daarna naar Las Vegas!

Woensdag 11 april 2012

Lief dagboek,

Ik heb vandaag erg veel dikke mensen gezien. De één nog dikker dan de andere. Vooral vrouwen zijn erg dik, sommige hebben een geìnflateerde poes, alsof ze een opblaasbal in de broek dragen.

Vanochtend vetrokken we na getankt te hebben bij "Rebel" (zó Nevada - éénarmige bandieten in het tankstation) en ontbeten bij "Denny's" weer naar Death Valley. We hebben de Ubehebe krater bezocht - prachtig van vorm en kleur. Er stond echter een meer dan stvige bries, weliswaar van de kraterrand af, maar het was niet leuk meer. Met een temperatuur van hooguit 15 graden Celsius was het afzien dat het een aard had.

We hebben het park vervolgens vooral via de US190 doorkruist en zijn naar Las Vegas gereden. Bij het vliegveld hebben we onze trouwe witte Nissan Sentra ingeleverd, met welke we 2157 mijlen hebben afgelegd - geen kattepis!

Checkin in hotel New York New York, op de 24e verdieping. We hebben wat rongegelummeld, wat gedronken en gegeten en gaan zo naar een show: Crazy Horse in MGM.



Hasta la Vista!!

P.S. Bovenstaand dagboekfragment vonden we op straat - het is slechts te onderschrijven, wat een zwaarlijvigheid (onder andere)!!

zondag 8 april 2012

Hoge bomen

Eerste Paasdag in Nederland, gewoon "Easter" in California, voor ons weer een dag hard werken! Het leven van een toerist is niet eenvoudig: je een weg banen door het gepeupel uit Frankrijk en Zwitserland (waarover later meer), auto rijden over bochtige weggetjes door de bergen, ploeteren door de sneeuw en vooral genieten van het vele moois wat de natuurparken te bieden hebben.

Vanuit Oakhurst vetrokken we vroeg naar King's Canyon National Park en (Giant) Sequoia National Park: beide parken lopen in elkaar over, één toegangsbewijs voldoet voor het gehele gebied. Ook hier zijn bepaalde wegen nog gesloten, naar verluidt vanwege lawinegevaar.

De natuur in Caliornia is overweldigend mooi. De letterlijke hoogtepunten van vandaag vormden de sequoia's, eeuwenoude naaldbomen die als reuzen in het woud staan tussen enorme sparren en dennen, maar die lijken nietig in vergelijking met de sequoia's.


Naar verluidt bevindt de grootste boom ter wereld, naar volume, zich hier en deze boom heeft ook een naam, en dat is "General Sherman". Voordat iedereen nu gaat faxen, mailen en bellen, dat is gerekend naar volume. Er zijn dus bomen die dikker zijn, of langer, maar deze knapen zijn bijna even dik aan de top als aan de voet en dat maakt ze zo massief.

Zoals boven te zien is op de foto, zijn de meeste sequoia's omgeven door een hek. De joekels wortelen namelijk niet erg diep. De wortels reiken maar tot ongeveer drie meter buiten de omtrek van de boom. Als alle toeristen bij, op en in de boom klauteren is er binnen de kortste keren niets meer over van de boom. Vele bomen hebben ook brandplekken, omdat men het kennelijk nodig vond om een grote fakkel te maken. Sommige van deze brandplekken zijn overigens al meer dan honderd jaar oud.
Ondanks de hekken zijn er toch nog veel lieden, met name van Franse makelij, die denken dat zo'n hek er voor de kat zijn viool staat en klimmen gewoon in de boom, voor de foto. We hebben het meerdere malen gezien en hiermee bevestigen de Fransen toch maar weer eens dat het waarschijnlijk het meest misselijke volk is dat op twee benen rondloopt. Daar komt nog bij dat ze slakken en hersenen eten en raar praten, maar dat terzijde.

We hebben de hele dag in de parken doorgebracht en hebben, toen we uitgekeken waren, een hotel gevonden in een plaatsje ten zuiden van het Giant Sequoia National Park, "Three Rivers".

Morgen gaat het weer verder: we pakken nog een stukje van een Sequoia Park mee en dan rijden we richting Death Valley, een aardig eindje te gaan. We hopen voor de ingang van het park een motel te vinden, zodat we dinsdag vroeg Death Valley binnen kunnen rijden. Later daarover meer!

donderdag 5 april 2012

Lake Tahoe

Het was even zoeken met al die wegversperringen, maar uiteindelijk vonden we onze weg uit Reno, richting Virginia City. We kwamen daar al vroeg aan, waardoor het een uitgestorven indruk maakte. Eerst maar koffie met iets lekkers (als ontbijt) in een koffieshop.


Virginia City is een stadje dat er nog uitziet als in de tijd van de goldrush, met uitzondering van de auto's die langs de straat geparkeerd staan. Toch erg leuk om er rond te kijken, je waant je in een andere tijd.

Aan het einde van de ochtend reden we via Carson City naar South Lake Tahoe. We zijn niet gestopt in Carson City (Capitol of Nevada), maar meteen doorgereden naar het meer. Om het meer, dat een beetje de vorm heeft van Corsica, loopt een weg die af en toe een mooi uitzicht geeft op het meer en de omgeving. De bergtoppen zijn vrijwel allemaal nog met sneeuw bedekt. Het is hier dan ook best wel koud, zo rond het vriespunt, af en toe sneeuwt het. Een deel van de weg om het meer pikten we al mee op weg naar South Lake Tahoe. Aan de kant van Nevada staan nog wat gokpaleizen, in California niet meer. Aan de Californische kant vonden we een motel, Super 8, zo'n typische zoals we ze van de films kennen.

Aan het begin van de middag begonnen we aan de autorit om het meer heen, maar niet voordat we de auto weer volgetankt hadden bij een, naar later bleek, Bulgaarse pomphoudster. Aardig mens, maar vol met klachten over the US of A maar ook over Bulgarije en eigenlijk over de hele wereld.

De autorit  was een heerlijke rit vol afwisseling, zowel in landschap als in het weer. Emerald Bay was prachtig, met het enige eiland in het meer, Fannette Island. De zon scheen af en toe, soms sneeuwde het licht, soms ook beide... We hebben een kop soep gegeten in het Fat Cat Café in Tahoe City.



Weer in South Lake Tahoe stopten we bij het Harveys hotel/casino, om wat te gaan drinken en eten bij het Hard Rock Café. We hebben zelfs nog een heel klein gokje gewaagd, maar dat leverde niet veel op. Reken dus maar op onze terugkomst half april - het is wéér niet gelukt!

Morgen gaan we weer door naar Yosemite. We hadden gedacht twee dagen voor Lake Tahoe nodig te hebben, maar dat valt alleszins mee. We hebben nu al twee dagen op ons aanvankelijke schema ingelopen, zo voorspoedig loopt het allemaal. De extra dagen zullen we gebruiken om nog een extra lus aan onze reis te plakken. Maar zover is het nog niet. Ciao for now!!

woensdag 4 april 2012

Over saloons, sneeuw, woestijn en gokpaleizen

Bier drinken in een echte saloon, lopen door de sneeuw, rijden door de woestijn en verblijven in een casinohotel op één dag - we maakten het allemaal mee vandaag.

Het ontbijt was door het motel aangemerkt als “DELUXE CONTINENTAL”, maar daar valt over te twisten. Een term als “DELUXE CONTINENTAL” geeft een idee van gebakken eieren, spek, worstjes zelfs en wie weet witte bonen in tomatensaus. In dit geval was het slappe koffie, aanmaaksinaasappelsap, droog brood en jam. Er was echter ook een mogelijkheid om zelf warme wafels te maken!

Anyway, we waren op tijd vertrokken en arriveerden al snel in Sacramento. We wisten dat er niet veel te doen was in Sacramento. Toch is dat alles meegevallen! Eerst zijn we, na over een echte Golden Gate Bridge te zijn gelopen, bij de State Capitol wezen kijken.



Sac is de hoofdstad van California en State Capitol is het staatshuis - wellicht woonde Schwarzenegger er wel. Vandaar liepen we via de K-street door een grote, weinig sfeervolle shopping mall naar “Old Sacramento”. Old Sacramento is een oud stadje, niet meer dan vier bij vier straten, allemaal in de stijl van Buffalo Bill: saloons, oude winkeltjes, heel geinig. Er is zelfs een oude school, een treinstation, musea en meer. De stoep bestaat uit vlonders, de uithangborden en huizen zijn helemaal in stijl. Of het authentiek is… Beetje jammer wel dat er auto’s mogen rijden, dat neemt heel wat weg van de sfeer. We dronken een biertje in een van de saloons, heel gezellig.


Daarna reden we naar Reno, een ritje van ongeveer twee uur. In Sacramento was het lekker weer, zonnig, rond de 20 graden Celsius. Vlak voor de grens tussen Californië en Nevada waren we inmiddels tot boven 7000 voet gereden, en lag er overal sneeuw, behalve op de weg. De sneeuw op de weg was weggeveegd waardoor er een halve meter sneeuw in de berm lag. De overgang van het warme Sacramento naar dit landschap rond het vriespunt was enigszins bizar.
We daalden af naar Reno, inmiddels in Nevada. Het landschap hier is het beste te omschrijven als woestijn. Kaal, leeg, hier en daar wat huizen in aardetinten geschilderd.
Rond 16 uur arriveerden we bij hotel “Circus Circus” waar men nog een kamer voor ons had en dan ook nog eens voor een veel schappelijke prijsje dan gisteren in motel “Days Inn”. Vanaf de 18e verdieping kijken we nu uit over Reno. Klein Las Vegas, maar met de nadruk op klein.

We zijn even Reno rond gelopen - er is niet veel te beleven. Heel stil op straat, veel leegstand. In de hotels en de casino’s is het wel drukker; er wordt er op los gegokt (en gevreten en gezopen) dat het een aard heeft. Er is ook niets anders te doen. Hoewel bekend hebben we ons toch weer vergaapt aan den Amerikaan: hoe dik en onsmakelijk zijn ze toch, even dik als breed, korte terlenka broek verkleefd aan de bilspleet, armen zijwaarts aan de romp, langzaam voortschuifelend omdat ze anders voorover kukelen. Pathetisch….

Morgen trekken we weer verder, naar Virginia City, Carson City en Lake Tahoe.